Droogtestress veroorzaakt meer stedelijke boomsterfte dan elke andere factor. Water is niet alleen vereist voor alle biochemische vereisten voor fotosynthese, ademhaling en vervoer, maar ook als mechanische ondersteuning van blad en steelweefsel.

 

Ontoereikende (of inefficiënte) bewateren zal resulteren in verlies van blad en de daaruit volgende daling van nieuwe scheuten. Uiteindelijk zal dit leiden tot afsterven.

 

Onderzoek heeft aangetoond dat bomen die proactief gewaterd worden, dat wil zeggen een regelmatig bewateringsregime, meer dan drie maal het gewicht ontwikkelen van nieuwe wortels in de plantput t.o.v. het wachten tot de boom tekenen van droogtestress toont. Het niet pro-actief bewateren houdt de boom misschien wel in leven, maar zal vaak leiden tot stamafsterving of mogelijk lange termijn structuurproblemen in de boom.

 

De eenvoudigste manier om water te geven aan bomen is door een GIETRAND aan te brengen. De gietrand wordt net buiten de kluit geplaatst en voorkomt dat de watergift via het maaiveld zijdelings afvloeit, zodat het water vanuit de buffer (opstaande rand) geleidelijk in de bodem infiltreert. Een GBU Gietrand is 30 cm hoog en wordt zo geplaatst dat er 10 cm in de grond ingewerkt zit. Waar mogelijk wordt de begoten oppervlakte groter gemaakt naarmate het wortelgestel uitbreidt. De diameter wordt dan jaarlijks ongeveer een halve meter vergroot. Dit stimuleert ook de horizontale uitbreiding van de wortels. Als er een beluchtingssysteem aanwezig is, moet dit buiten de gietrand aan de oppervlakte komen, anders loopt het gietwater weg zonder de boom ten goede te komen.

 

Waar het maken van een gietrand niet mogelijk is, bijvoorbeeld bij aanplantingen in de stad waar een boomrooster aangebracht is, kan gekozen worden voor een KUNSTMATIG WATERGEEFSYSTEEM zoals het GBU Rootrain Civic systeem. Deze kunstmatige irrigatie bestaat uit een ribbeldrain die bovenop de wortelzone komt te liggen. Het heeft geen zin om water te geven via drainage of beluchtingssystemen, aangezien deze zich onder de wortelzone bevinden. Daardoor komt het water de boom niet ten goede, maar stroomt het gewoon weg naar het grondwater. De combinatie tussen beluchting –en watergeefsysteem is mogelijk door het leggen van een drain halfweg de wortelzone (ongeveer op 35 cm diepte). Dit is altijd een compromis, aangezien dit systeem zorgt voor lucht voor het bovenste deel van de wortelzone en water voor het onderste deel.

Civic 1
Civic 2
Civic 3

De duur en de hoeveelheid van de watergift is afhankelijk van de maat van de geplante boom, het planttype en het tijdstip. Een schatting van het vereiste watervolume ligt voor bomen maat 10/12 minstens tussen 50-100 liter water en het vereiste watervolume liggen voor maat 25/30 tussen 250-500 liter per watergift. Meestal wordt omwille van werkplanning en efficiëntie op ruime tijdsintervallen een grote hoeveelheid water gegeven. Een stelregel is dat de bodem op een tiental cm onder het maaiveld altijd min of meer vochtig moet zijn. Normaal zou een boom na één of twee groeiseizoenen voldoende grond moeten hebben doorworteld om zelfvoorzienend te zijn in zijn vochtbehoefte, zelfs in droge periodes. Dan mag ook de watergift gestopt worden. Een boom kan slechts zelfvoorzienend zijn als het doorwortelbare bodemvolume groot genoeg is om de boom gedurende zijn volledige leven te voorzien van voldoende water. Is dit niet het geval, dan kan de boom na enkele jaren opnieuw in de problemen komen als hij de grenzen van het doorwortelbare bodemvolume bereikt heeft. In dit geval moet gedurende droge periodes opnieuw water gegeven worden. Een dergelijke periodieke watergift voor de hele levensduur van de boom is een zeer tijdsintensieve en dure maatregel. De eenmalige kost om bij de aanplanting te zorgen voor een voldoende grote standplaats, weeg hier zeker tegen op.

[request_type]
Ik ga akkoord dat mijn gegevens gebruikt worden om deze aanvraag te behandelen.